Lokaal Nieuws

Gepubliceerd op: dinsdag 09 oktober 2018

Stookt u wel eens hout, bijvoorbeeld in een open haard, kachel, vuurkorf of barbecue?


Lees dan deze stooktips.

1. Stook alleen droog hout. Vochtig hout brandt niet goed en dat geeft extra veel rook en fijnstof. Zelf hout hakken? Droog het hout dan minstens 2 jaar. Het hout is droog als het gebarsten is of als de bast loslaat.
2. Gebruik nooit geverfd of geïmpregneerd hout: bij verbranding komen zware metalen vrij. Het is daarom verboden om bewerkt hout te verbranden. Ook (spaan)plaat is uit den boze vanwege de lijm die erin zit.
3. Stook geen papier en karton. Het geeft veel rook en vliegas en is daarom zelfs verboden als brandstof.
4. Heb je een allesbrander? Neem dit woord niet letterlijk: je mag er niet alles in verbranden. Verbrand alleen onbewerkt, droog en schoon hout. Dus geen plastic, geverfd hout enzovoort. Afval verbanden is verboden.
5. Stook niet bij windsnelheden lager dan windkracht 2 of bij mistig weer: de rook blijft dan hangen en kan plaatselijk veel luchtvervuiling veroorzaken. Op de Stookwijzer kun je zien wanneer je beter niet kunt stoken. Naast de twee hiervoor genoemde criteria wordt in de stookwijzer ook rekening gehouden met de actuele aanwezigheid van luchtvervuiling zoals o.a. fijnstof
6. Wordt het binnen te warm met de houtkachel aan? Stook dan met minder hout en zet even een raam open. Schuif niet de luchttoevoerklep dicht ('smoren'): het hout verbrandt dan niet volledig waardoor er extra veel schadelijke stoffen ontstaan. 
7. Zet de luchttoevoer in de kachel helemaal open, net als de klep in de schoorsteen. Dat zorgt voor betere verbranding en dus minder schadelijke stoffen (zoals PAK’s en koolmonoxide).
8. Houd ventilatieroosters in de woning tijdens het stoken open (of zet een extra raampje open). Het vuur kan dan zuurstof aantrekken en de rook kan via de schoorsteen afgevoerd worden. Dit geldt  met name in iets oudere  huizen. In de laatste generatie huizen wordt voor een verbrandingstoestel een aparte luchttoevoer geëist t.b.v. de verbranding.
9. Controleer of je goed stookt: een goed vuur heeft gele, gelijkmatige vlammen en je ziet bijna geen rook uit de schoorsteen komen. Oranje vlammen en donkere rook geven aan dat de verbranding niet goed is: zorg dan voor voldoende luchtaanvoer.
10. Laat de schoorsteen minstens één keer per jaar goed vegen.
11. Stook niet iedere dag en zeker niet langer dan 4 uur op één dag. Zo blijf je vrienden met de buurt.