Regio Nieuws

vrijdag 04 augustus 2017

Bomenstichting Achterhoek dringt aan op terughoudendheid inzake kap duizenden Essen door Staatsbosbeheer.


Staatsbosbeheer (SBB) maakte eind juli via de media bekend dat zij in de Achterhoek duizenden zieke Essen gaat kappen i.v.m. de Essentaksterfte.

De Bomenstichting Achterhoek (BSA) heeft daarom Staatsbosbeheer dringend verzocht om een gesprek, daar de Stichting vragen heeft bij deze rigoureuze aanpak.

Waar deze bomen werkelijk ziek zijn en als laanboom langs wegen staan is deze veiligheidsingreep uiteraard noodzakelijk.

Echter, waar deze in bos en in het landschap staan is dat nog maar de vraag.

Zo adviseert de Universiteit Wageningen (WUR) beheerders om ”terughoudend te zijn bij het ingrijpen/kappen, omdat met name grotere bomen niet snel helemaal zullen afsterven.

Grote, dode takken kunnen weggesnoeid worden als deze gevaar opleveren. Het beste is om de boom, wanneer die geen gevaar oplevert, met rust te laten en af te wachten of de boom in staat is de uitbreiding van de ziekte zelf te stoppen”.

Vooral oudere bomen blijken weer uit te lopen op de nog levende, gezonde delen. Zelfs wanneer takken al te ver aangetast zouden zijn, is bijv. een alternatief voor kap om de boom in het najaar te knotten op 2 m hoogte. Vaak loopt de boom dan weer uit alsof er niets aan de hand is.”

Op diverse plaatsen, zoals Moerdijk en in Flevoland, is kap van de Essen op goede gronden uitgesteld. Eerst wordt daar nader geïnventariseerd en onderzoek gedaan naar alternatieven.

SBB stelt in de media: “Gezonde bomen zoveel mogelijk te willen laten staan”.

Heeft SBB nader onderzoek gedaan, heeft zij bijv. de publicaties van de WUR geraadpleegd, en rapportage m.b.t. ervaringen die in deze in het buitenland zijn opgedaan?

De BSA heeft inmiddels ervaren dat SBB helaas ook grootschalige kap inzet om financiële redenen (o.a. wegens het miniseren van overheidssubsidie en vooral de contractueel te leveren tonnen biomassa) en niet omdat daartoe op korte termijn aantoonbare noodzaak of urgentie bestaat.

Gedurende de laatste jaren heeft SBB de houtoogst zelfs verdubbeld!

Daarom zou de BSA ook in dit geval graag zien waarin deze noodzaak van kap op zo een grote schaal dan wel zou zijn gelegen. De meeste bomen van Staatsbosbeheer staan immers in een bos of landschapselement en vormen daarmee geen direct gevaar.

De verklaring van SBB in de pers dat “de boom in no-time dood gaat na aantasting” blijkt bovendien pertinent onjuist. De BSA acht het daarom zinvol om onderscheid te maken tussen risicovolle bomen (langs paden en wegen) en beduidend minder risicovolle bomen in bospercelen.

De Bomenstichting Achterhoek gaat er van uit in een redelijk gesprek met SBB tot nadere afspraken te kunnen komen.